Eerste versie – Het begin

Ik ben bezig met een eerste versie van een toneelstuk. Tegelijkertijd kijk ik naar de Master class van Aaron Sorkin. Dit zegt hij er over:

(Ik wilde bijna schrijven: Hier is wat hij erover zegt.  Maar dat klinkt me muy trop  Amerkanistisch angehaucht, capiche?)

Maar goed. Dit zegt hij er over. ‘Een eerste versie is bijzonder moeilijk, omdat je het niet te onderschatten probleem hebt dat je eigenlijk niet weet waar het naar toe gaat.’

Klopt. Uiteraard heb je wel een beetje bedacht of ze elkaar krijgen of niet, of dat de boef wordt ingerekend, of dat vader uiteindelijk uit de kast komt en uitroept dat het hem allemaal spijt, maar echt zeker weten doe je niets. Het verhaal kan zomaar een heel andere kant op gaan. Ook als je aan een scene begint weet je niet echt wat het einde zal zijn. Er staat nog niets op papier. Het is een reis naar het onbestemde en in het onbestemde kun je makkelijk alles verkeerd doen.

Kijken naar contrast

Mijn eigen manier om het probleem van de lege pagina te kraken gaat zo: Ik wil niet alles weten. Eerst moet ik een goed begin hebben. Ik hoef niet te weten hoe het midden er uit ziet en ik hoef al helemaal niet te weten hoe het einde er uit ziet. Ik hoef niet aan geen enkel midden of einde te denken. Alleen een begin.

Waar bestaat het begin dan uit? Ik denk: Een interessant probleem van een personage in een interessante setting. Interessant in de zin van dat in ieder geval mijn hart er sneller van gaat kloppen. De setting kan een familie zijn. Maar dat is op zichzelf niet zo interessant. Een disfunctionele familie, dat is al interessanter. Of een hele vieze familie. Of een familie die ruzie maakt in de vorm van toespraken van amerikaanse presidentskandidaten. En dan het probleem: altijd kijken naar een contrast. Een heldere verstandige jongeman groeit op in een familie van zuiplappen, drugsgebruikers en pornoverslaafden en behoudt zijn fatsoen. Een Ghanese schoonmaakster in een hele vieze witte familie. En met die Amerikaans toespraken heb ik niks.

Dan moet ik het einde van het begin weten. Het einde van het begin is de ‘inciting incident’, het motorisch moment, de Grote Taak, de oproep je te begeven naar het slagveld, de eerste schooldag op de middelbare school… van die gebeurtenissen die ook aan het begin van een verhaal kunnen gebeuren, maar die nu, door wat we nu weten, een grotere impact krijgen. De verstandige jongen in de disfunctionele familie krijgt voor het eerst te maken met een familie die even verstandig is als hijzelf.  Dat verandert zijn leven. Hoe zal hij zijn broers en zussen nu tegemoet treden? De Ghanese schoonmaakster, eh — eist van de jongste zoon zijn schoenen in de kast te zetten enne– riskeert haar baan.

Bier, taart en beloning

Al die dingen moeten zich in één keer, en in zijn gehéél aan mij voordoen. En ik moet ontzettend veel zin hebben dit op te schrijven. Ik moet er een goed gevoel bij hebben. Mijn werk bestaat er voor een groot deel uit een goed gevoel te hebben en dat vereist speciale aandacht. Tijdens het schrijven is alles geoorloofd: Flauwe grappen, melodrama, improvisaties, nodeloze uitweidingen, want ergens in die geïnspireerde warboel zit de kiem voor het midden en het eind. Maar dat is iets om later over na te denken. Er zijn volle pagina’s. Hoera. Bier, taart en beloning.

Gepubliceerd door Jan

Vanaf 1986 schrijf ik professioneel voor theater, TV en film. Bovendien geef ik les aan diverse schrijfopleidingen en ondersteun producties inhoudelijk/dramaturgisch.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *