Eerste versie – Het midden

Verder met de strijd tegen de lege pagina’s.

Als je het begin van het verhaal eenmaal hebt, krijg je een ander soort probleem. Het middendeel van een verhaal is schizofreen. Een afmattende strijd tussen gevoel en verstand. Aan de ene kant moet je volhouden wat je in het begin hebt neergezet. Je hebt a gezegd en moet nu b zeggen, tot en met z. Aan de andere kant moet het iets veranderen. Ongemerkt moet het zaad van die verandering worden geplant. Het is het stuk waar je het meest over na moet denken.

De weg naar de vreselijke waarheid

George en Martha schelden elkaar de huid vol, zijn dronken en moe en blijken twee jonge mensen te hebben uitgenodigd (begin) De jonge mensen komen, het echtpaar waarschuwt nog zó – dit wordt geen leuk bezoeken, maar de jonge mensen blijven toch. Dan moeten ze het zelf maar weten. Het wordt een gedenkwaardige nacht. (Midden)  De pesterijen zijn er nog steeds, nemen zelfs in intensiteit toe, maar Albee, de schrijver, weet dat George en Martha, die zich hebben verschanst in hun narcisme, juist door de aanwezigheid van de jonge mensen, de afschuwelijke waarheid over zichzelf moeten prijsgeven. Dat is de transformatie. Het midden is er voor die transformatie zoveel mogelijk tegen te houden. Wanneer die wordt ingezet (George en Martha gaan een afschuwelijke waarheid, een levenslange leugen, over zichzelf prijsgeven) zijn we aan het eindspel begonnen.

Transformatie

Aristoteles zegt in zijn Poetica: Het midden volgt uit het begin en uit het midden volgt het einde. (Ja hehe) Aaron Sorkin zegt in zijn masterclass dat de Poetica van Aristoteles het enige how to write boek is dat er toe doet. Dat lijkt mij ook, vooral wat betreft de bouwstenen van drama en fictie. Maar Aristoteles analyseerde achteraf,  de stukken bestonden al en van gelukte stukken kun je makkelijk zeggen waarom ze gelukt zijn en van mislukte stukken kun je achteraf makkelijk zeggen waarom ze mislukt zijn. Achteraf kun je altijd je gelijk halen.  Hij verplaatst zich niet in de gedachten van iemand die alles nog moet verzinnen.

Drie mensen staan naast elkaar. Ze houden elkaars hand vast. De eerste houdt met zijn vrije hand een witte vlag vast, de derde houdt met zijn vrije hand een zwarte vlag vast. Iets in de figuur in het midden heeft er voor gezorgd dat de witte vlag zwart is geworden.

Het einde is, als het gelukt is, terug te koppelen naar het begin. Dan zie je wat er is veranderd, en ook wat hetzelfde is gebleven. Dat betekent dus dat het midden, voornamelijk, naast veel anders, een transformatie is. Roodkapje begint met een grote gevaarlijke wolf en eindigt met diezelfde wolf, die dood is en dus niet langer gevaarlijk. Transformatie. Oidipous begint als held en eindigt als schurk. Transformatie. Walter White begint als sullige leraar en eindigt als drugsbaron.  Chic is het als de protagonist verandert of op z’n minst een innerlijke transformatie doormaakt, maar eigenlijk is het afknallen van de antagonist, de boef, voldoende.

Genres

Genres hebben hun eigen ‘middens’. In misdaaddrama vieren we de opkomst en succes van de schurk en planten we tegelijk het zaad van zijn ondergang. Sprookjes hebben de ‘drie keer’-formule. Drie keer doet de wolf een poging om in het huis van de zeven geitjes te komen. In het soort gezinsdrama-toneelstuk waar ik geen ruk aan vind bestaat het midden uit pogingen de waarheid over ‘mama’ boven tafel te krijgen. Fantasy: De Zoektocht naar de Ring is een midden. De reis van de held volgens Joseph Campbell: een netwerk van helpers en poortwachters.

Moppen en trucs

Ik denk bij het midden ook aan een mop of een goocheltruc. Moppen en goocheltrucs: story telling op microniveau. Het midden is de wapperende hand van de goochelaar, die ieders aandacht trekt, en hem daardoor in staat stelt met de andere hand alvast de zakdoek te verbergen die hij later op die plek nodig zal hebben. Het midden is de Engelsman, de Duitser, de Fransman en de Belg in een mop. De eerste drie zijn er voornamelijk om de Belg de ruimte te geven iets doms te doen. Als het goed is ‘klimt’ het verhaal bij elk personage: De Engelsman is nog vrij gewoon, Bij de Duitser wordt het al gekker en bij de Fransman is het helemaal gek. Je denkt: Hoe komt die Belg daar overheen?  En bij de Belg blijkt het allemaal anders en een stuk absurder  te zitten. Pats! Ha ha ha.

Jazz

Ondanks de intellectuele uitdaging die het midden me stelt wil ik met toch los en vrij voelen om te schrijven wat er in me op komt. Ik kan geen nieuw element meer toevoegen, zeker na de helft niet meer. Geen nieuw personage, geen nieuw decor en toch moet alles er fris en nieuw uit blijven zien. Ik vind dat een heidense klus. Niet alleen de personages, maar ikzelf bevind me dan ook in een crisis. soms, door tijdgebrek, kom ik er niet uit en dan lever ik iets in waar ik me later voor schaam. Maar ik weet: als het midden gelukt is, heb ik het gered. Vaak denk ik aan jazzmuziek. De akkoorden  liggen vast, daarbinnen mag ik mijn hart te barsten improviseren. Valse noten mogen, graag zelfs, als ik maar op tijd uitkom bij de noot die helemaal in de harmonie past.

Maar o man, deze pagina’s zijn het allermoeilijkst te vullen.

 

 

 

 

 

Gepubliceerd door Jan

Vanaf 1986 schrijf ik professioneel voor theater, TV en film. Bovendien geef ik les aan diverse schrijfopleidingen en ondersteun producties inhoudelijk/dramaturgisch.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *