Soprano’s

De afgelopen weken ‘The Soprano’s’ nog eens helemaal ge’binged’. Alle seizoenen. Van fade-in tot de laatste, dramatische fade to black. De eerste van een soort tv-series dat mensen avonden- en nachtenlang aan het scherm gekluisterd hield: ‘Vooruit, nog één aflevering dan…’ Ik genoot van de verhaallijnen maar nog meer van de zwier waarin de scènes aan elkaar werden geschakeld. Vrij losjes, a-chronologisch – iedere scene was een soort sketch over het karakter van een personage, of over een moeilijke relatie, of over een onderhandeling en soms een stukje rauw geweld. ‘The Soprano’s’ liet me op een andere manier naar mijn eigen werk kijken en is zeker van invloed geweest op de manier waarop ik de serie ‘Boven Wotter’ schreef.

Maar is het bijna tien jaar na de laatste aflevering nog steeds leuk?

Veel vondsten zijn inmiddels gemeengoed geworden. De cinematografische, ‘europese’ introducties, de langzame ontwikkeling van de personages, meer focking straattaal. Nu is het genre van de langlopende serie al zo ver doorontwikkeld, dat je eigenlijk kunt zeggen dat het z’n beste tijd heeft gehad.Het geld heeft het weer overgenomen van de lust om eens  iets anders te vertellen. In het begin was het voor de makers op een houtje bijten: er was maar twee miljoen per aflevering beschikbaar. (Daar maken wij hier overigens zes series van). De serie  dreef op de creativiteit van de makers en de ambitie van de vrij onbekende acteurs. Er werd behoorlijk wat risico genomen, maar dat was mogelijk omdat er niet zo veel geld verloren was als het mis ging. Maar in dit unieke geval ging het niet mis. Zo hoefden de acteurs niet mooi te zijn en niet jong en aantrekkelijk. Zo kon een dikke man sexy worden. Zo konden ze experimenteren met de muziek en met literaire en cinematografische verwijzingen. Het was fun. En ik zag het er nog steeds aan af.

Een verhaal is niet het leven zelf, zei Robert McKee, maar een metafoor voor het leven. Zo is het. Bij de opkomst van Tony Soprano hoort hoogmoed en dan ondergang. Het echte leven is grilliger, betekenislozer en stompzinniger. Hoewel. Het eind van de personages blijkt zich op de een of andere manier door te zetten in de acteurs. Jim Gandolfini, die Tony Soprano weergaloos speelde, overleed een paar jaar geleden tijdens zijn vakantie in Rome aan een hartaanval. Hij had pas zijn eerste grijze haren. Carmela, Edie Falco, heeft in nog wat goeie series gespeeld, maar kampt nu met borstkanker. Jamie-Lyn Sigler, die Meadows speelde lijdt aan MS en Robert Iler, de verwende zoon Anthony Junior, is aan lager wal geraakt. Als je met die wetenschap de serie weer bekijkt, krijgt alles nog veel meer diepte.

 

One thought on “Soprano’s

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *