Bullshitdetector

De truc om in de bullshitstorm van feiten en nepfeiten een weg te vinden is volgens mij de volgende:
1 – Je gaat te rade bij je eigen oordeel. Maar dat oordeel moet gevoed worden door informatie van de juiste bronnen en het discours van mensen die je verstandig acht. En daar zit ‘m de kneep. Het is geen kwestie van zekerheid. Het is voor een groot deel een kwestie van vertrouwen.
2 – geloof niets van bronnen die je niet vertrouwt. Nul. Zelfs al blijken er een paar feiten wel te kloppen.
3 – hecht wél geloof aan bronnen die je wél vertrouwt. Maar niet onvoorwaardelijk, je eigen vertrouwde bronnen kunnen het ook wel eens mis hebben. Als dat zo is:
4 – laat het falsificeren van bronnen die je wél vertrouwt over aan bronnen die je óók vertrouwt. Niet aan tegenstanders.

Stel je raakt in gesprek met iemand die beweert: ‘UFO’s bestaan, we worden in de gaten gehouden door entiteiten van andere beschavingen, alleen wordt dat door het linkse tuig van de overheid onder de pet gehouden.’ Dan kun je zeggen: ‘Sorry, maar dat geloof ik toch echt niet.’ Wat geen goede reactie is, overigens. Je kunt beter zeggen: ‘zeg wat zit je haar leuk, naar welke kapper ga je?’ – maar soms trap je er in en bevind je je midden in zo’n gesprek. En dan zegt je gesprekspartner: ‘Ik kan je zo honderd dikke boeken laten zien, die glashelder aantonen dat de boel hier vergeven is van UFO’s! Al die boeken, die kunnen het toch niet verkeerd hebben?!’ Je vermijdt de grap: Als die boeken de objecten identifyen, hoe kunnen het dan un-identified objects zijn?, maar je zegt: ‘Volgens mij is in het verleden al afdoende aangetoond dat het bestaan van die objecten niet bewezen kan worden, dus in mijn wereld bestaan ze niet, tenzij iemand of een groep mensen aan wie ik waarde hecht van inzicht veranderen. Als je wil kan ik dagen lang besteden aan een onderzoek waarmee ik aantoon dat UFO’s niet bestaan, maar aangezien ik denk dat je me desondanks toch niet zult geloven, is dat verspilde moeite en ik heb er ook helemaal geen zin in ook.’ Je gesprekspartner zal dan zeggen: ‘Aha, je duwt je kop in het zand voor de waarheid, net als die anderen.’ Jij zegt: ‘Misschien. Ik vertrouw op mijn oordeel, die alleen te weerleggen is door oordelen vanuit mijn eigen kring – mijn kranten, mijn columnisten, mensen waarvan ik denk dat ze er verstand van hebben. Ik weet, jij doet dat op jouw manier ook en ik vrees dat we elkaar op dit gebied waarschijnlijk niet tegemoet zullen komen.’ De ander zal zeggen: ‘Ik weet wel zeker van niet.’ Waarop jij weer kunt zeggen: ‘Maar we kunnen natuurlijk wel even gaan dansen.’

Gepubliceerd door Jan

Vanaf 1986 schrijf ik professioneel voor theater, TV en film. Bovendien geef ik les aan diverse schrijfopleidingen en ondersteun producties inhoudelijk/dramaturgisch.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *