Orton

24_play1_new

Joe Orton is het bekendst vanwege zijn spectaculaire dood. Augustus 1967, op de christusjonge leeftijd van 33 jaar, is hij tijdens zijn slaap met een hamer doodgeslagen door zijn partner Kenneth Halliwell, met wie hij op een klein kutkamertje woonde. Over de hele kwestie is een film gemaakt – Prick up your ears.

Feydeau schreeft bizarre, cynische kluchten over een hypocriete hogere middenklasse, Oscar Wilde schreef elegante komedies over verborgen identiteit in de hogere kringen en Orton schreef zwarte kluchten over de misdadigheid, roof- en moordzucht bij alledaagse mensen. De humor bij Orton zit hem niet zozeer in een paar bizarre handelingen – er wordt in het stuk Loot (Poet) wat met een lijk heen en weer gesjouwd. Iets wat later door de Fawlty Towers-aflevering The kipper and the corpse is overtroffen.
Nee, de kracht bij Orton zit hem in de dialogen. De personages zijn zo slecht, dat ze geen enkele moeite doen hun bedoelingen verhullen, zelfs al krijgen ze de kans. Fay, van de thuiszorg, en Harold, de zoon van de moeder die ligt opgebaard, hebben een ernstig gesprek.

Fay: Ga zitten Harold, we moeten even praten. De pastoor van St Kilda heeft me gevraagd het over het een en ander te hebben. Hij maakt zich ernstige zorgen. Hij zegt dat je je geruime tijd bezighoudt met het beroven van gok-apparaten en parkeermeters en met het ontmaagden van dochters van mannen die beter zijn dan jij. Klopt dat?
Harold: Ja.
Fay: En dat zelfs leden van je eigen geslacht niet veilig zijn voor je schurkenstreken. Vader Mac is bedreven in het verdrijven van zonden, maar aan het wegpoetsen van die van jou heeft hij een dagtaak. Wat ben je van plan te doen aan deze afschuwelijke gang van zaken?
Hal: Ik ga het land uit.
Fay: Maar hoe moet dat dan met jou als je oud bent?
Hal: Dan ga ik dood.

De thuiszorg zelf is ook geen beste. Ook zij verhult nauwelijks haar diepere bedoelingen ten overstaan van de pas-bestorven weduwnaar.

Fay: Heeft u al een een tweede huwelijk gedacht?
Vader: Nee.
Fay: Waarom niet.
Vader: Ik heb het te druk met de begrafenis.
Fay: U moet iemand hebben om de plaats van uw vrouw in te nemen. Zij was ook niet perfect.
Vader: Een tweede vrouw is voor mij fysiek onmogelijk.
Fay: Onzin. Mijn laatste echtgenoot van zestig slaagde met vlag en wimpel. Drie dagen na ons trouwen kwam hij tot buitengewone prestaties. U zou een meisje moeten trouwen met jeugd en vitaliteit. Iemand met een standvastige houding ten opzichte van het Geloof. Met haar laatste adem twijfelde uw vrouw aan de waarachtigheid van van de Bijbel. Wat is dat dan voor een vrouw? Waar heeft u haar opgedaan?
Vader: Op een informele bijeenkomst, geleid door een Benedictijnse monnik.
Fay: Deed ze zich voor als katholiek.
Vader: Ja.
Fay: Bedrieglijk van aard, zoveel is zeker. Dit mag niet weer gebeuren. Ik zoek voor u een goede jonge vrouw. Ik breng haar naar u toe, ik stel haar aan u voor. Ik zie haar helemaal voor me – gemiddelde lengte, sluik, mooi haar. Regelmatig bezoekster van bepaalde plekken des geloofs. En een ex-lid van het Legioen van Maria.
Vader: Iemand zoals u zelf?
Fay: Precies. Wees bewust van uw mogelijkheden. Trouw meteen.

In het stuk komt ook een personage voor, die zich gedraagt als een televisie-detective, en zo wordt hij ook door de andere personages gezien, maar in feite is hij alleen maar de wateropnemer. (tot hij tenslotte wordt ‘ontmaskerd’ als inspecteur van scotland yard – een zeer corrupte)

Dit is het soort satire, kluchtigheid en absurditeit dat ik heel leuk vind. Maar als ik een uitvoering zie, in het echt of op YouTube, waar een oude TV-registratie op staat, dan is er ineens weinig te lachen. De acteurs spelen alsof zij de personages niet echt zijn – ze spelen de ironie- en dat geeft de uitvoeringen iets moeilijks, alsof het Pinter is, of Beckett. Dat doet me denken aan een opmerking van wijlen Matthijs Rümke, de regisseur. Hij zei over mijn werk: ‘Jouw werk is zo ontzettend lastig om te regisseren.’
Ik denk dat voor het werk van Joe Orton, op een hoger niveau, hetzelfde geldt.

In de nóg kluchtiger What the butler saw – een titel die vroeger gebruikt als titel voor boekjes met ‘pikante foto’s’ – worden leugens op leugens gestapeld tot een onontwarbare kluwen, als bij een moderne post truth-regering. Geraldine, de onschuldige in dit verhaal praat met Prentice, een oudere arts van het type: ‘kleedt u zich maar helemaal uit’.

Geraldine: Wacht! Er is een oplossing! We moeten de waarheid vertellen!
Prentice: Wat een ontzettend defaitistische houding! – Achter het kamerscherm jij!

Tegenwoordig beoordelen we de kwaliteit van verzonnen personages om hun geloofwaardigheid, of we ons met hun kunnen identificeren, hun kwetsbaarheid en hun lievigheid. Dan is het wel eens een verademing om deze smeerlapperij te lezen van iemand die wat mij betreft wel wat jaren verder had mogen leven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *